Keizersnede

Keizersnede

Als een hond jongen verwacht is dit een hele leuke, maar vooral hele spannende tijd voor zowel het dier als het baasje. De meeste bevallingen gaan via de natuurlijke weg en het dier heeft hierbij weinig hulp nodig. Het enige wat wij als baasjes dan kunnen doen, is de omstandigheden voor de aanstaande moederhond zo optimaal mogelijk te maken. Dit wil bijvoorbeeld zeggen dat het dier een eigen plek krijgt waar ze in alle rust kan gaan bevallen, de meeste fokkers hebben hiervoor een speciale werpkist in huis. zie het onderwerp geboorte voorbereiding. Er zijn voorstanders van het 'preventief' uitvoeren van een keizersnede, om zo alle risico's rondom de geboorte te voorkomen. Wij zijn hier geen voorstander van want aan een keizersnede kleven ook risico's. Naast een narcose-risico en een operatie-risico, kan het ook voorkomen dat de melkproductie van het moederdier slecht op gang komt en kunnen er problemen optreden met de acceptatie van de pups. De voordelen van een keizersnede moeten daarom wel opwegen tegen de nadelen. Daarnaast worden het narcose- en het operatie- risico in onze kliniek zo klein mogelijk gehouden door het gebruik van een zo veilig mogelijke narcose en door het aanwezig zijn van een volledig team: een dierenarts met daarbij minimaal twee assistentes, één voor de narcose en één om de pups op te vangen.

 

 

Wanneer besluiten we tot een keizersnede?

 

Helaas gaat de bevalling niet bij alle dieren vanzelf. Dit kan verschillende oorzaken hebben:  

Ten eerste hebben bepaalde rassen meer moeite met de bevalling via de natuurlijke weg dan andere rassen. Dit heeft te maken met de bouw van deze dieren; bij honden met bijvoorbeeld een in verhouding brede schedel en smal bekken, hebben de pups relatief ook een brede schedel en dit kan problemen opleveren bij de passage van het geboortekanaal (het smalle bekken van het moederdier). Rassen die wat vaker dit soort geboorteproblemen hebben zijn o.a.: Engelse Bulldog, Franse Bulldog en in mindere mate de dwergkees. De dwergkees krijgt moeilijker pups omdat de pups naar de eigen lichaamsgrootte heel groot zijn.

 

Daarnaast is het mogelijk dat aan het eind van de draagtijd de melkproductie net wat te heftig op gang komt. Het moederdier geeft aan de melk tal van belangrijke stoffen voor de pups mee, waaronder calcium. Sommige moederdieren hebben een hele grote melkproductie en hierdoor kan het zijn dat ze te weinig calcium voor zichzelf overhoudt. Calcium is belangrijk voor een heleboel lichaamsfuncties en speelt ook een belangrijke rol bij het samentrekken van de spieren. Als er een calciumtekort is kan het moederdier tijdens de bevalling in de problemen komen, omdat ze niet de kracht heeft om de pups eruit te persen. Dit probleem kan verholpen worden door het a.s. moederdier extra calcium te geven, maar dit wil niet altijd baten. Wat vaak een oplossing kan zijn, is het geven van Oxytocine (= Piton). Dit is een middel dat de baarmoeder laat samentrekken en kan zo een ondersteuning zijn bij weeënzwakte. Dit middel mag uitdrukkelijk niet gegeven worden als er een pup of kitten vastzit in het geboortekanaal, door welke reden dan ook.

Verder kan het zijn dat het moederdier een anatomische afwijking van het geboortekanaal heeft. Dit wil zeggen dat het bekken te nauw is en dat kan aangeboren zijn, maar dat kan ook komen door bijvoorbeeld een oude bekkenbreuk.

Ook komt het voor dat een hond een klein nest draagt, het is zelfs mogelijk dat er maar één pup aanwezig is. Pups van kleine nesten zijn relatief vaak groter dan pups van grote nesten. Hierdoor kan het bij een klein nest voorkomen dat de geboorte niet via de natuurlijke weg kan plaatsvinden, simpelweg omdat de pup relatief te groot is. Daarnaast is de ontsluiting bij een teef met een klein nest vaak slecht, waardoor de bevalling moeilijk of niet op gang komt.

Als laatste kunnen geboorteproblemen veroorzaakt worden door een afwijkende ligging van de pups. Vooral de stuitliggingen en de dwarsliggingen zijn hierbij berucht, maar dit komt bij honden en katten door de grote nesten en daardoor kleine pups en gelukkig zelden voor.

 

 

Wat gebeurt er tijdens een keizersnede?

 

Het liefst zien we natuurlijk dat de bevalling op een natuurlijke manier verloopt, maar helaas is dit niet altijd het geval en dan kan het nodig zijn dat we moeten ingrijpen via een keizersnede. De pups worden dan via een snede in de buik ter wereld gebracht.

Hierbij is er een dilemma wat betreft de narcose. Enerzijds mag het moederdier natuurlijk niets voelen, anderzijds mogen de pups of niet teveel narcosemiddel binnenkrijgen, omdat hun lever en nierfunctie nog niet optimaal ontwikkeld zijn en ze daarom problemen kunnen hebben met de afbraak van de narcosemiddelen. De dierenarts gebruikt een optimale combinatie van narcosemiddelen, zodat de keizersnede voor het moederdier pijnloos kan verlopen met zo min mogelijk risico voor de pups. De hond krijgt om te beginnen Methadon in een spier toegediend. Hiervan wordt het dier rustig en daarnaast heeft het een krachtige pijnstillende werking. Wel blijven de dieren erg gevoelig voor geluid en daardoor ook een beetje betrokken bij wat er gebeurd. Daarnaast geven we Atropine onder de huid, dit middel remt o.a. de speekselproductie en houdt de hartslag op peil. Als na zo'n 20 minuten de hond wat rustiger is geworden, wordt er een branule in een van de voorpoten aangebracht. Dit is een rechtstreekse toegang tot de bloedsomloop van de hond, waardoor we vocht en evt. medicijnen kunnen toedienen.

Vervolgens wordt de hond op de rug op de operatie-tafel gelegd. Omdat de hond niet echt slaapt is dit in het begin vaak een beetje vreemd, maar de meeste honden vinden het uiteindelijk vaak helemaal geen probleem. Vooral ook omdat veel dierenarts en meestal de eigenaar bij het hoofd van de hond laten staan, dit heeft meestal een geruststellend effect op de hond. Hiervoor is het wel belangrijk dat de eigenaar niet te zenuwachtig is, want dit kan juist weer een nadelig effect op de hond hebben.  

Mocht een dier toch te onrustig blijven of blijkt het tijdens de operatie nodig te zijn om de hele baarmoeder te verwijderen (iets wat we alleen doen als de baarmoeder er heel slecht uitziet), dan kunnen we via de branule de teef een kleine hoeveelheid Propofol (Rapinovet) geven, waarop ze verder wegzakt wat het mogelijk maakt haar te intuberen. Propofol geven we op effect, zodat we wederom zo min mogelijk narcosemiddel gebruiken. Intuberen betekent dat de dierenarts een rubberen slang in haar luchtpijp krijgt zodat we gasnarcose kunnen geven. Het voordeel hiervan is dat, zodra de operatie klaar is, het gas heel snel uitgewerkt is en de teef zo snel mogelijk de pups kan gaan verzorgen.  

Als de hond rustig ligt, krijgt ze op de plaats waar de snede gemaakt gaat worden, via een aantal prikjes een locale verdoving (Lidocaine) toegediend. Door een locale verdoving te gebruiken, hebben we weer minder van alle andere narcosemiddelen nodig, wat ook weer bijdraagt aan een zo veilig mogelijke narcose. Als de locale verdoving is ingewerkt kan er met de operatie begonnen worden. Nadat de buik is opengemaakt, wordt de baarmoeder met de pups naar buiten gebracht. De baarmoeder wordt ingesneden (hier is geen locale verdoving voor nodig, de Methadon zorgt hier voor de pijnstilling) en de pups worden één voor één, samen met de nageboorte, naar buiten gebracht. Er wordt een klem op de navelstreng gezet en daarna wordt de navelstreng doorgeknipt en is de pup 'geboren''.  

Het is van belang dat het diertje nu zo snel mogelijk gaat ademen en dat het drooggewreven wordt. Daarnaast krijgt elke pup een druppel Narcan toegediend, dit is een middel dat de werking van Methadon tegengaat, zodat de pups hier zo kort mogelijk last van hebben. Als alle pups eruit zijn en de baarmoeder en de buikwand zijn weer gesloten, krijgt de teef ook een dosis Narcan, zodat ze zo snel mogelijk minder sloom is, en de nodige zorg aan de pups kan geven. Daarnaast geven we antibiotica om infectie te voorkomen, Oxytocine om de baarmoeder te laten samentrekken en Calciumborogluconaat om evt. calciumtekorten door een hoge melkproductie te voorkomen. 

Het is voor de teef vaak een beetje onwennig om ineens met een nest pups geconfronteerd te worden. Vooral jonge teefjes, die hun eerste nest pups hebben gekregen, kunnen in het begin een beetje moeite hebben om de pups te accepteren. Toch verloopt dit over het algemeen goed, vaak dankzij een beetje begeleiding door de eigenaar.

 

 

Na de Keizersnede

 

Zoals al eerder opgemerkt is het bij alle geboortes, maar vooral bij een keizersnede, belangrijk om de teef en de pups goed te begeleiden. Het is heel belangrijk dat het moederdier de pups of kittens accepteert en laat drinken. Daarnaast moet goed in de gaten gehouden worden dat de pups goed groeien. Een goed hulpmiddel hierbij is het wegen van de diertjes. Het geboortegewicht moet na een week verdubbeld zijn. Het is dan uit te rekenen hoeveel elke pup per dag qua gewicht gegroeid moet zijn. Als een pup of kitten achterblijft in gewicht kan dit een aanwijzing zijn dat er iets mis is met het diertje en kan er op tijd mee naar een dierenarts gegaan worden. 

 

 

 

Hieronder nog een paar foto's van een keizersnede bij één van mijn vroegere teefjes.

 

 

Eerst wordt de buik van de teef geschoren, terwijl deze al onder een licht roesje verkeert. Als de buik geschoren is zal de dierenarts de hond plaatselijk in de buikholte een aantal verdovingen geven.

 

 

Hier hebben ze de buik van de teef ontsmet om er voor te zorgen dat er tijdens de operatie zo min besmettingsgevaar bestaat. Na het ontsmetten zal een operatieassistente zuurstof toedienen aan de teef en zal de dierenarts de eigenlijke keizersnede beginnen. Op de foto`s is te zien hoe de dierenarts de buikwand opent.

 

 

De dierenarts zal klemmetjes gebruiken om de incisie die hij heeft gemaakt in de buik van de hond open te zetten. Dit om beter bij de inhoud van de hond te komen, in dit geval de pups.

Als de buikwand openstaat kan de dierenarts de pups 1 voor 1 verwijderen uit de baarmoeder van de teef.

 

COPYRIGHT 2017 keeshondenkennel van het Lavenlaar